arch/ive/ief (2000 - 2005)

Uw nerichtgeving dd 16-8 tav de Nederlandse militaire aanwezigheid in Irak
by Astrid Essed Tuesday, Aug. 17, 2004 at 7:45 AM

In haar berichtgeving tav de Nederlandse militaire aanwezigheid in Irak maakt de Nederlandse NOS-teletekstredactie zich schuldig aan bagatellisering van de Nederlandse militaire rol in dezen

Open brief

Uw berichtgeving dd 16-8 tav de Nederlanse militaire aanwezigheid in Irak


Aan de teletekstredactie van de NOS

Geachte Redactie,

Ik wil graag uw aandacht vratgen voor het volgende:
In uw berichtgeving dd 16-8 vermeldt u, dat Defensie naar aanleiding van de dood van de Nederlandse militair gaat bekijken of de manier van patroulliren in Zuid-Irak moet worden aangepast.
U licht dit toe door te vermelden, dat het n u gebruikelijk is om zonder helm in open jeeps te rijden om zo een goed contact met de Iraakse bevolking te krijgen.
U vervolgt uw berichtgeving met een verdere toelichting, dat de commandant in Irak van uur tot ur bekijkt of de patrouilles aangepast moeten worden.
U vervolgt uw berichtgeving met de mededeling, dat hoewel hierbij vandaag pantserwagens zijn ingezet, de open patrouilles blijven bestaan en dat hier volgens Defensie een heel duidelijke visie achter zit.
U eindigt uw berichtgeving met de mededeling, dat het de vijf andere Nederlandse militairen, die gewond geraakt zijn, naar omstandigheden redelijk gaat.

Met deze wijze van berichtgeving zonder enige kritische achtergrondinformatie uwerzijds geeft u niet alleen een zeer euphemistisch beeld van de realiteit van de Nederlandse militaire acties in Irak, maar maakt u zich daarenboven schuldig aan een impliciete verdediging van de Nederlandse militaire aanwezigheid in Irak.

Ter toelichting:

Hoewel ik uiteraard de dood van de betreffende Nederlandse militair uit humanitair oogpunt betreur, aangezien mi iedere dode in welk gewapend conflict ook er een teveel is, moet een en ander echter wel gezien worden tegen het licht van de politieke en internationaalrechtelijke implicaties van de Nederlandse militaire aanwezigheid in Irak, die in uw nieuwscommentaar volledig buiten beschouwing blijft.

A Euphemistisch beeld:

U stelt in uw berichtgeving, dat de wijze van patrouilleren in Zuid-Irak geschiedt zonder helm en in open jeeps teneinde een beter contact te krijgen met de Iraakse bevolking.
Hoewel een en ander ongetwijfeld een minder agressieve benadering inhoudt dan de door de Brits-Amerikaanse bezettingstroepen ten toon gespreide wekt u hiermee tegenover het teletekstlezende publiek ten onrechte de indruk, dat de Nederlandse benadering geheel afwijkt van de Brits-Amerikaanse, hetgeen niet het geval is.

1 Nederlandse schietincidenten met dodelijke afloop:

Niet alleen maakt u geen melding van het feit, dat de Nederlandse troepen net als hun Brits-Amerikaanse collega's militair volledig zijn uitgerust voor een mogelijke confrontatie, daarenboven vermeldt u evenmin, dat Nederlandse militairen een aantal keren verwikkeld geweest zijn in een militaire confrontatie met de Iraakse burgerbevolking, waarbij een aantal burgerslachtoffers zijn gevallen.

Hierbij is in vijf gevallen sprake geweest van een nader onderzoek door het Openbaar Ministerie en de Koninklijke Marechaussee en zijn vier van de vijf militairen van verdere rechtsvervolging ontslagen.
Tegen de vijfde echter [Erik O., die op 31 december door het Nederlandse Openbaar Ministerie werd aangehouden op verdenking van het op aanzienlijke afstand in de rug schieten van een plunderende Irakees, die voor de betrokken militair geen enkel levensgevaar vertegenwoordigde]wordt door het Openbaar Ministerie verdere strafvervolging ingesteld.

Het verdient dan ook aanbeveling, dat u bij uw opvallend uitgebreide beschrijving van de strategie rond de Nederlandse patroulies eveneens melding maakt van dergelijke zeer ernstige feiten, aangezien u ongetwijfeld op de hoogte bent van het feit dat een van de grondprincipes van de 4e Conventie van Geneve is, dat er een absoluut onderscheid gemaakt dient te worden tussen militaire aanvallen op combatanten [militairen en strijders] en non-combatanten [burgers] en dat iedere militaire aanval op burgers [behalve in het werinig voorkomende geval van zelfverdediging] als zodanig een oorlogsmisdaad is.

B Nederlandse militaire aanwezigheid in Irak:

Belangrijker echter is het feit, dat u bij uw beschrijving geen enkele aanvullende kritische achtergrondinformatie geeft over de politieke en internationaalrechtelijke implicaties betreffende de Nederlandse militaire aanwezigheid in Irak.

1 Brits-Amerikaanse aanval:

Zoals u ongetwijfeld zult weten heeft de vorig jaar dd 20-3 2003 gestarte Brits-Amerikaanse aanval op Irak plaatsgehad zonder een ondersteunend VN-Mandaat in de vorm van een VN-Veiligheidsraadsresolutie en is als zodanig in strijd met het Internationaal Recht.
De hierop volgende Brits-Amerikaanse bezetting van Irak werd evenals de Brits-Amerikaanse aanval op Irak, waarbij voornamelijk ten gevolge van bombardementen met internationaal-verboden clusterbommen meer dan 6000 Iraakse burgers omkwamen, gekenmerkt door een groot aantal mensenrechtenschendingen cq oorlogsmisdaden waarvan het meest beruchte de martelingen cq andere mensenrechtenschendingen in de Iraakse gevangenis Abu Ghraib was.

2 Politieke en internationaalrechterlijke implicaties Nederlandse militaire aanwezigheid in Irak:

De Nederlandse militaire aanwezigheid in Irak impliceert dan ook geen humanitaire hulp aan de Iraakse bevolking, maar in de eerste plaats steun aan de Brits-Amerikaanse bezetting van Irak, hetgeen de Nederland nog afgezien van de zelf-gepleegde mensenrechtenschendingen cq oorlogsmisdaden politiek en moreel mede-verantwoordelijk maakt voor de door de Amerikaanse bezettingsmacht gepleegde oorlogsmisdaden.
Daarenboven dient u niet uit het oog te verliezen, dat het Iraaks verzet internationaalrechtelijk gelegitimeerd is zich te verzetten tegen het de Brits-Amerikaanse bezettingsmacht ondersteunende
Nederlandse leger in Irak.

In dit licht moet dan ook de dood van de betreffende Nederlandse militair, hoe tragisch vanuit menselijk oogpunt bekeken ook, gezien worden.

Ik spreek dan ook de hoop uit, dat u bij een volgende berichtgeving over dit onderwerp tevens deze achtergrondinformatie zult willen vermelden, die gemakkelijk is te controleren via daarvoor in aanmerking komende websites als gerennommeerde mensenrechtenorganisaties als Human Rights Watch [http://www.hrw.org], Amnesty International [http://www.amnesty.org, http://www.amnesty.nl] en het rode Kruis [http://www.icrc.org] waarop de bestaande Conventies van Geneve eveneens vermeld staan.


Een en ander zal bijdragen aan een eerlijkere en objectievere berichtgeving, hetgeen uw journalistieke taak is tav het teletekstlezende publiek.

Vriendelijke groeten
Astrid Essed
Amsterdam