arch/ive/ief (2000 - 2005)

EZLN 20/10: vuur en woord
by Mathias Bienstman Friday November 14, 2003 at 07:55 PM

De komende weken viert het EZLN, het zapatistische bevrijdingsleger, twee verjaardagen: haar twintigjarig bestaan en de tien bewogen jaren sinds de opstand van 1 januari 1994. Hoewel het lijkt alsof het EZLN en het zapatisme, deels door de verminderde media-aandacht, aan actualiteit inboeten, wordt er op 17 november en 1 januari alles behalve gefeest voor bedlegerige bewegingen. In de bergen van het zuidoosten van Mexico bouwen de autonome Zapatistische gemeenschappen energiek verder aan hun toekomst. Het EZLN zelf wandelt nog steeds zoekend haar weg met de bijhorende koerswijzigingen en de brieven van hun gekende woordvoerder, Subcommandante Marcos, blijven verschillende progressieve bewegingen zoals het anderglobalisme inspireren.

Het magazine Rebeldia (zie: http://www.revistarebeldia.org/20-10/index.html) nam het initiatief om de verschillende activiteiten die plaatsvinden naar aanleiding van de twee verjaardagen te verzamelen en bekend te maken. Met een oproep vragen ze deel te nemen aan de feestlijkheden. Zelf verwoorden ze de reden tot feesten als volgt: ”Twintig jaar geleden (17/11/’83, Mathias) begon er ergens in de wouden van Chiapas een beweging die de wereld zou rondgaan met een boodschap van hoop en verzet. In de donkerte van de nacht werd een rebels web gesponnen totdat we allen op 1 januari 1994 kennis maakten met een hoofdzakelijk inheems leger dat woorden vuurde naar de machthebbers en het neoliberale feest verknalde. Nu de oprichting twintig jaar geleden is en het opnemen van de wapens 10, vieren we de heldhaftige daad van de allerkleinsten: de strijd van de vrouwen, mannen, kinderen en oudjes van het Zapatistische Leger voor Nationale Bevrijding (EZLN).” Op de internetpagina van Rebeldia kom je te weten wat er zoal gebeurt naar aanleiding van de verjaardag.

De aandacht die de verjaardag trekt, kan niet vermijden dat het zapatisme ietwat uit de belangstelling verdwenen is. Ook hier speelt 11 september 2001 waarschijnlijk een rol. Het “low intensity” conflict dat zich afspeelt in de bergen van Mexico is plots een stuk minder spectaculair dan de terroristenjacht en de profetische oorlogszucht van de havikken in Washington. Het was voor 11 september, in het voorjaar van 2001, dat het EZLN voor de laatste maal in de schijnwerpers kwam te staan. Toen vond de mars op Mexico-city plaats om de goedkeuring van de ”Cocopa wet” af te dwingen. Die wetsvoorstellen gingen over de rechten en cultuur van inheemse volkeren. Onder andere de volgende onderwerpen kwamen er in aan bod: autonoom bestuur voor inheemse groepen en gemeenschappen, het gebruik van grondstoffen en land, het recht op regionale associatie en tenslotte vormen van zelfbepaling op juridisch vlak. Tijdens de tocht van 6000 kilometer doorheen 13 staten ontmoetten de zapatisten zowel grote delen van de nationale en internationale civiele samenleving als andere inheemse groepen. Uiteindelijk mocht iemand van het EZLN het Mexicaanse congres toespreken, nadat er in Mexico-city honderduizenden mensen op straat gekomen waren om dat te eisen. Niet Subcomandante Marcos, maar een inheemse vrouw hield de belangrijkste toespraak voor de grotendeels mannelijke parlementsleden. Comandante Esther zei onder andere:”Dat is hoe wij Zapatisten willen dat Mexico is. Een land waar inheemsen inheems en Mexicaan zijn, waar respect voor verschillen in evenwicht is met respect voor wat ons gelijk maakt.” Naast de invoering van de “Cocopa wet” hamerden de Zapatisten ook op de terugtrekking van het leger en de vrijlating van (zapatistische) politieke gevangenen. Hoewel de mars en het te woord staan van het parlement de hoop had doen opflakkeren voor een politieke koerswijziging tegenover de situatie van inheemse volkeren in Mexico, kwam de koude douche een goeie maand later. De wet die uiteindelijk werd goedgekeurd, was een flauw en verradelijk afkooksel van de oorspronkelijke voorstellen voor de rechten en cultuur van inheemse volkeren. Op het vlak van de juridische status van inheemse volkeren, het gebruik van gemeenschappelijk bezit zoals grondstoffen en land en de autonomie op regionaal vlak, was de goedgekeurde wet bijna tegengesteld aan het Cocopa voorstel. Marcos sprak dan ook over “de wettelijke erkenning van de rechten en cultuur van grootgrondbezitters en racisten”. De fundamentele problemen voor de tien miljoen inheemsen in
Mexico namelijk: armoede, racisme en marginalisering, bemoeilijking van politieke activiteit en vooral militaire repressie, leken niet naar een oplossing te evolueren.

De voorbij twee jaar gaat het EZLN verder op de haar typerende weg. Koerswijzigingen in haar eigen activiteiten op lokaal en regionaal vlak gaan hand in hand met inspirerende boodschappen voor progressieve bewegingen wereldwijd. Precies uit die boodschappen, vaak in de vorm van tot de verbeelding sprekende brieven van subcomandante Marcos, blijkt dat het (neo-)zapatisme niet enkel gaat over culturele kwesties maar dat elk verzet tegen onderdrukking zich kan spiegelen aan de situatie en de strijd van ‘de allerkleinsten’ uit het zuidoosten van Mexico. De post-communistische ideeen van het EZLN dragen daar toe bij: hun visie op overheersing en verzet beperkt zich niet tot een klassenanalyse van de maatschappij. Niet enkel de arbeidersklasse is slachtoffer van een vorm van uitbuiting. Holibi’s of illegalen bijvoorbeeld, kunnen een soort uitsluiting en onderdrukking ervaren die van een heel andere aard is dan de roof van een deel van de waarde die iemands arbeid creëert. Een soort onderdrukking die evengoed om verzet vraagt.
Recente communiqués van subcommandante Marcos behandelden het doodzwijgen van de enorme repressie in Baskenland, de oorlog tegen het terrorisme en het voorstschrijdend project van het neoliberalisme. Een actueel neoliberaal project in Midden-Amerika is het Plan Pueblo Panama. Volgens de Zapatisten en andere critici dienen de infrastructuurwerken die dat plan voorziet er enkel toe dat kernlanden, met name de VS, en lokale elites beter gebruik kunnen maken van de goedkope arbeid, het land en de grondstoffen die aanwezig zijn in de regio. Het plan zou een infrastructurele voorbereiding zijn op de vrijhandelszones die men nog wil invoeren in Midden-Amerika.
Binnen de structuur van de autonome gemeenschappen, de rol van het EZLN en hun verhouding tot steungroepen en NGO’s vonden er de laatste maanden ook enkele belangrijke veranderingen plaats. De Aguascalientes,de plaatsen waar de zaptisten de civiele samenleving konden ontmoeten en omgekeerd, werden opgedoekt en tegelijk werden de Caracoles en “good government commitees” opgericht. Caracoles en “good govenment commitees” komen er in plaats van de aguascalientes om onder andere af te rekenen met de paternalistische instelling van sommige “hulp” projecten en het zelfbestuur van de Zapatistische gemeenschappen verder uit te bouwen. Tevens moeten ze er voor zorgen dat enerzijds de bestuurlijke functies en de militaire tak, het EZLN, beter van elkaar gescheiden worden en dat anderzijds conflicten tussen autonome gemeenschappen of met inheemse groepen die niet sympathiseren met de Zapatisten, aangepakt kunnen worden. Het is bijzonder interessant om de teksten (juli 2003) te lezen, die gepubliceerd werden om die wijzigingen aan te kondigen. Ze geven een realistische schets van de talloze problemen, moeilijkheden en gebreken waarmee een radicaal democratisch project - het zelfbestuur van de autonome dorpen en gemeenschappen - te maken krijgt. Tegelijk tonen ze aan hoe er naar oplossingen gezocht wordt, zonder dat de uitkomst vastligt. Marcos zegt dan ook over de ‘Good Government Juntas’: “...which are so called, I want to make clear, not because they are already "good," but in order to clearly differentiate them from the "bad government”.”


Voor een vertaling naar het Engels van de communiqués van het EZLN zie:
http://www.zmag.org/chiapas1/index.htm

Voor een uitgebreid dossier over de zapatisten zie:
http://www.kwia.be

Zie ook indymedia chiapas